Olie en obligaties zetten de beurstoon deze week
Stijgende olieprijzen door de oorlog in Jemen, een renteverhoging van de ECB en een kersvers record op de Brusselse beurs dat alweer wat wegsmelt: de voorbije beursweek had het allemaal. En met de Fed en de Bank of Japan die volgende week hun rentebesluiten bekendmaken, wordt het allerminst rustiger. Een overzicht.
Olie en rente duwen de markten naar beneden
De week van 7 tot 11 september stond in het teken van oplopende rentes en een stevige sprong in de olieprijs. De Houthi-rebellen namen de Jemenitische havenstad Mocha in, wat hen meer greep geeft op de cruciale Bab-el-Mandebstraat waar een groot deel van de wereldwijde olietransporten doorheen vaart. Brentolie liep daardoor donderdag met meer dan 6 procent op tot bijna 108 dollar per vat, WTI klom boven de 100 dollar. Vrijdag kwam er een correctie: doordat de vrees iets afnam, zakte Brent weer tot net onder 105 dollar. Op jaarbasis blijft de stijging indrukwekkend: ruim 70 à 80 procent hoger dan begin 2026, al blijft de piek uit het voorjaar nog buiten bereik.
De hogere energieprijzen joegen de obligatierentes verder omhoog. De Europese Centrale Bank verhoogde donderdag haar rente met 25 basispunten en liet de deur open voor een nieuwe verhoging in oktober. ECB-voorzitter Christine Lagarde noemde de beslissing een "no-brainer" en waarschuwde dat de inflatie tot in de eerste helft van 2027 boven de doelstelling zal blijven. Het gevolg: de Duitse Bund-rente bereikte het hoogste niveau sinds 2011, de Britse Gilt noteerde op een niveau dat sinds 2007 niet meer werd gezien, en de Franse dertigjaarsrente klom naar het hoogste peil sinds 2003. Ook in de VS liepen de rentes verder op, nadat de terugkoopoperatie van obligaties van het Amerikaanse ministerie van Financiën minder animo kende dan verwacht.
Amerikaanse inflatiecijfers gaven weinig verlichting: de CPI kwam in augustus uit op 0,4 procent maandbasis en 3,4 procent op jaarbasis, in lijn met de verwachtingen. De kerninflatie kwam met 0,3 procent maandbasis wel net iets boven de verwachte 0,2 procent uit, en ook de eerder gepubliceerde PPI-cijfers wezen op aanhoudende prijsdruk — samen genoeg om de markt te doen geloven dat de Federal Reserve volgende week alsnog de rente met 25 basispunten verhoogt. Op Wall Street gaf de S&P 500 op weekbasis 0,8 procent terug, de Dow Jones verloor 1,6 procent en de Nasdaq zakte 0,7 procent, ondanks een opleving op vrijdag.
Bel20 en AEX leveren wat terrein in
Ook in Brussel en Amsterdam liet de rentedruk zich voelen. De Bel20 had eerder in september nog een absoluut record neergezet boven de 5.879 punten, maar zakte deze week terug richting de buurt van 5.700 à 5.740 punten. De obligatiemarkten blijven zwaar onder druk staan door de aanhoudend hoge rentes, al houden stevige bedrijfsresultaten het beursoptimisme voorlopig nog overeind.
De Amsterdamse AEX kende een vergelijkbaar verloop: na een reeks verliesdagen door de hogere olieprijs en de rentevrees, herstelde de index vrijdag met 0,5 procent tot 1.098,76 punten, net onder de psychologische grens van 1.100 punten. Zwaargewicht ASML kreeg het vanaf woensdag zwaar te verduren en verloor op twee dagen ruim 3 procent, in lijn met de bredere druk op groeiaandelen door de oplopende rentes.
Techreuzen, chips en tegenvallende retailers
Ook op bedrijfsniveau was het een drukke week. Apple presenteerde de iPhone 18 Pro en Pro Max, met een prijsverhoging van 100 dollar, en zette met de vouwbare 'Duo' (vanaf 1.999 dollar) voor het eerst een stap in de foldable-markt. Qualcomm kreeg steun van een samenwerking met Amazon rond AI-datacenterchips, met warrants voor Amazon op maximaal 25 miljoen Qualcomm-aandelen.
Op het resultatenfront overtuigde Oracle met een stevige omzetgroei en een verhoogde outlook, maar de aandacht ging vooral naar de hoge schuldenlast en de immense investeringen in AI-infrastructuur, waardoor het aandeel toch onder druk kwam. Ook Adobe kon met wisselvallige resultaten de recente neerwaartse trend niet doorbreken. Retailers American Eagle Outfitters en Macy's rapporteerden beter dan verwachte winsten, maar beleggers bleven worstelen met de vraag hoeveel van die verbetering te danken was aan eenmalige tariefteruggaven.
Vooruitblik: Fed, Bank of Japan en Bolloré
De week van 14 tot 18 september belooft minstens even spannend te worden. Woensdag maakt de Federal Reserve haar rentebesluit bekend: de markt schat de kans op een verhoging met 25 basispunten (naar 3,75 à 4 procent) op ruim 72 procent. Minstens zo belangrijk worden de nieuwe 'dot plots', de verwachtingen van de Fed-bestuurders over het toekomstige rentepad, want de aanhoudend hoge olieprijzen door de oorlog in het Midden-Oosten houden het inflatierisico op scherp.
Vrijdag volgt de Bank of Japan, die naar verwachting haar beleidsrente met 25 basispunten optrekt tot 1,25 procent. Beleggers kijken vooral uit naar signalen over een verdere verkrapping later dit jaar, wat de yen — die al bijna op zijn hoogste niveau van 2026 tegenover de dollar noteert — verder kan versterken.
Op bedrijfsvlak publiceert de Franse holding Bolloré woensdag haar halfjaarcijfers. Het bedrijf, voor 71 procent in handen van Compagnie de l'Odet, de holding van de familie Bolloré, is vooral bekend als grootste aandeelhouder van muziekgroep Universal Music Group en is verder actief in media (Canal+), energie en batterijtechnologie voor elektrisch transport. Ook geopolitiek blijft de spanning hoog: maandag 14 september komen Iran, Irak en andere landen in Oman samen om te overleggen over de veiligheid van de scheepvaartroutes in de Straat van Hormuz, een ontmoeting die door de markt nauwlettend zal worden gevolgd gezien de impact op de olieprijs.
Kortom: met besluiten van twee grote centrale banken, aanhoudende geopolitieke spanningen rond olietransportroutes en de vraag of de rentestijgingen de aandelenmarkten eindelijk parten gaan spelen, wordt volgende week een cruciale test voor het beursoptimisme van de voorbije maanden.